Mondiale visteelt is veel milieuvriendelijker geworden

Vistelers produceren drie keer zoveel met minder milieu-impact dan 20 jaar geleden.
Tilapia-farm in Thailand Tilapia-farm in Thailand. Foto Shutterstock

De milieu-impact van de visteelt in de wereld is de afgelopen twintig jaar flink afgenomen. Dat blijkt uit een overzichtsstudie over de aquacultuur van Simon Bush en internationale collega’s in Nature.

Nature publiceerde 20 jaar geleden een overzichtsartikel over aquacultuur waaruit bleek dat de teelt van zalm, garnalen, tilapia, mosselen, karpers en meerval niet goed voor het milieu was. Op dat moment gebruikte de aquacultuursector nog veel andere vis (vismeel) als voer en leidden overdadige voedingsstoffen en medicijnen tot waterverontreiniging.

Reststromen

Maar de afgelopen 20 jaar is de situatie enorm verbeterd, zegt Bush, hoogleraar Milieubeleid van WUR. De visproductie is verdrievoudigd, maar de hoeveelheid vismeel en visolie in de sector is verlaagd. De aquacultuursector gaat veel efficiënter om met voer, gebruikt overwegend reststromen uit de voedingsindustrie en heeft plantaardig voer voor de vissen ontwikkeld. De aquacultuur stond 20 jaar geleden nog los van andere voedselsystemen, maar is inmiddels veel meer geïntegreerd, blijkt uit de Nature-studie die op 25 maart werd gepubliceerd.

De afgelopen 20 jaar lag de nadruk in de EU en VS op milieu en restricties, terwijl er in Azië ongereguleerde groei plaatsvond. Ik denk dat dat meer in balans moet komen

Simon Bush, hoogleraar Milieubeleid

De wereldwijde aquacultuur produceert inmiddels 112 miljoen ton vis. Daarbij gaat het om kweekbassins op zee (zoals voor zalm) en aan de kust (mossel en garnaal), maar in toenemende mate ook om zoetwaterteelt van bijvoorbeeld meerval en tilapia. Ook de teelt van aquatische planten als zeewier, inmiddels goed voor 32 miljoen ton, valt onder aquacultuur. Azië levert 92 procent van de visteelt, China alleen al meer dan de helft. De meeste vis wordt lokaal verhandeld en komt dus niet op de wereldmarkt.

Keurmerken

Hoewel de meeste Aziatische telers niet verbonden zijn aan duurzaamheidskeurmerken van westerse bedrijven en ngo’s, neemt de impact op het milieu ook daar af, stellen de onderzoekers. Dat komt door wetgeving en richtlijnen, maar ook omdat vismeel veel duurder is geworden. Toch kan de teelt nog veel duurzamer, stellen de onderzoekers. Zo wordt in China nog steeds een derde van de visvangst gebruikt als voer voor de aquacultuur.

Opkomende visteeltlanden zijn India, Bangladesh, Thailand en Vietnam, maar ook in Afrika en Latijns-Amerika neemt de aquacultuur toe. Volgens de onderzoekers moeten regeringen beter nadenken waar nieuwe vistelers zich mogen vestigen. Daarbij kan de visteelt ook ecosysteemdiensten verlenen, bijvoorbeeld doordat karpers in meren en waterreservoirs de waterkwaliteit en biodiversiteit op peil houden.

Nederland

Bush denkt dat ook Nederland plekken aan de kust en op zee moet aanwijzen voor aquacultuur. ‘De afgelopen 20 jaar lag de nadruk in de EU en VS op milieu en restricties, terwijl er in Azië ongereguleerde groei plaatsvond. Ik denk dat dat meer in balans moet komen, dat er in landen als Nederland meer visteelt moet komen, in de context van duurzame circulaire voedselsystemen.’ 

Lees ook:

Je moet inloggen om een comment te plaatsen.